• Pedagogen
Maarten van Zetten

Ds. M. Golverdingen - Houd je vormingsideaal vitaal!

Bijbeltekst: Efeze 6:4 “Voedt hen op in de lering en vermaning des Heeren”. “Uiteraard is en blijft de school naar haar aard een onderwijsinstituut. Maar zij richt zich wel tot de gehéle leerling in het overdragen van lévende kennis, belicht vanuit Schrift en belijdenis” (Inspirerend Onderwijs, p. 33). Het bestaansrecht van reformatorische scholen is hun vormingsideaal. Hoe draagt het onderwijs bij aan het vormingsproces van leerlingen? De lezing van de pedagogische artikelen van ds. M. Golverdingen helpt om dit ideaal vitaal te houden.

In zijn artikel ‘Doel en karakter van het reformatorisch onderwijs’ zegt Golverdingen: ‘Het feit dat de school ook opvoedingsinstituut is, betekent dat we dienen te waken voor een eenzijdig intellectuele vorming van leerlingen. De persoonlijkheidsvorming van het kind en de jonge mens op weg naar de volwassenheid moet ons in het gehele onderwijsleerproces voortdurend voor ogen staan.’ In huidige terminologie: er is meer dan kwalificatie – socialisatie en subjectwording doen ook mee. Wat dat betreft was Golverdingen met zijn pleidooi voor persoonlijkheidsvorming (we zouden vandaag zeggen: persoonsvorming) zijn tijd vooruit. De vormingsopdracht raakt het hart van het reformatorisch onderwijs.

De vraag is dan natuurlijk wel wat dit concreet betekent voor het handelen van leraren. Persoonsvorming kan immers ook een vaag ideaal worden dat in de hectiek van alledag gemakkelijk onder tafel verdwijnt. Voor ds. Golverdingen betekent de vormingsopdracht onder andere het aankweken van verantwoordelijkheidsbesef, het leren van zelfstandigheid, een Bijbels-kritische waardering van het leven, de bereidheid om te dienen, een historisch besef en een openheid voor mensen en ontwikkelingen. Hierbij is opvallend dat beginselvastheid en openheid samengaan; evenals de nadruk op verantwoordelijkheid en zelfstandigheid.

Deze concretisering laat ook zien dat het reformatorische vormingsideaal volgens Golverdingen een gereformeerde visie op opvoeden en onderwijzen betekent. Het woord “reformatorisch” moet niet worden gelezen als etiket voor een christelijke subgroep alleen, maar vooral als een verwijzing naar de leer van de protestantse reformatie. Het ging hem om de uitwerking van de gereformeerde belijdenis in de dagelijkse onderwijspraktijk.

Wie was ds. Golverdingen?

Marinus Golverdingen (1941-2019) werd na zijn studie aan kweekschool De Driestar leerkracht en later schoolhoofd op de Boazschool in Meliskerke. In 1976 werd hij aangenomen door het curatorium van de Gereformeerde Gemeenten. Na zijn studie aan de Theologische School in Rotterdam diende hij zeven gemeenten als predikant. Ook in de pastorie bleef hij echter op het onderwijs betrokken.

Met onder anderen C. Bregman en D. Vogelaar behoorde hij tot de pioniers van het reformatorisch onderwijs. Als voorzitter van de VGS oefende hij grote invloed uit op de theologische en pedagogische visievorming voor de reformatorische scholen. Een aantal lezingen die ds. Golverdingen heeft gehouden, zijn in twee boeken gebundeld: Mens in beeld. Antropologische schets ten dienste van de bezinning op onderwijs, opvoeding en pedagogische theorievorming in reformatorische kring (1995) en Inspirerend onderwijs. De pedagogische opdracht van de reformatorische school (2003). In zijn artikelen bepleitte Golverdingen de verbinding tussen een christelijke levensovertuiging en het pedagogische handelen van leraren. Recent zijn beide publicaties opnieuw toegankelijk gemaakt in het boek Inspirerend onderwijzen. De visie van ds. Golverdingen op kind en onderwijs (2022).

Gedachtegoed in de praktijk

Volgens ds. Golverdingen bepaalt het vormingsideaal het bestaansrecht van reformatorisch onderwijs. Tegelijk kunnen leraren zich afvragen: op welke manier kan ik hieraan bijdragen, ten dienste van mijn leerlingen? Anders gezegd: hoe beïnvloedt het ideaal de praktijk? In de dagelijkse praktijk heb je immers niet veel aan mooie idealen alleen. Het gedachtegoed van Golverdingen kan ons helpen om bij ons vormingsideaal op koers te blijven. Daarbij zijn in elk geval twee dingen belangrijk.
Bijdragen aan de vorming van je leerlingen veronderstelt allereerst een gevormde persoon als leraar. Wat dat betreft kun je de concretisering van het vormingsideaal, zoals Golverdingen dat geeft, gebruiken als een spiegel. Op welke manier neem je je verantwoordelijkheid, hoe zelfstandig ben je, bepaalt de Bijbel je kijk op het leven, ben je bereid om er te zijn voor je leerlingen, besef je dat je in een prachtige, christelijke traditie staat en ben je open naar andere mensen en sensitief voor ontwikkelingen in de samenleving? Met deze hulpvragen komt persoonsvorming dichtbij jezelf.
Dit helpt dan vervolgens om de verbinding te maken met je leerlingen. Welke rol spelen verantwoordelijkheid, zelfstandigheid, een Bijbelse visie op het leven en de wereld, een historisch besef en openheid naar anderen in jouw onderwijs? Daarbij houd je natuurlijk rekening met de leeftijd en het bevattingsvermogen van je leerlingen. Maar vanaf het begin van de basisschool tot in het hoger onderwijs ben je met deze vormingsvragen bezig. De punten die Golverdingen noemt, helpen je om je vormingsideaal concreet te maken.

Terug naar overzicht