• ouderbetrokkenheid
Egbert Slagboom

Ouders en school mogen van elkaar iets verwachten

een gesprek over ouderbetrokkenheid met Albert de Vries, verbonden aan het onderzoekscentrum van Driestar educatief

‘Onderzoek maakt het duidelijk: de betrokkenheid van ouders op hun kind én een goede samenwerking tussen school en ouders hebben een positief effect op de ontwikkeling van het kind. Daarom zou die samenwerking goed moeten zijn.’ Aan het woord is Albert de Vries. Hij is twee dagen per week verbonden aan het onderzoekscentrum van Driestar educatief en doet onderzoek naar ouderbetrokkenheid.

Kinder- en jeugdpsycholoog De Vries heeft jarenlang ervaring met consultatieve leerlingbegeleiding, diagnostiek en behandeling van leerlingen op basisscholen en het voortgezet onderwijs. Zo’n anderhalf jaar geleden heeft hij samen met Annemarie Veenstra (Driestar educatief) onderzoek gedaan naar de zogenoemde welkomstgesprekken van het Wartburg College in Rotterdam/Dordrecht. Die school vond het belangrijk om met iedere ouder persoonlijk kennis te maken. Een goede relatie met de ouders is een van de speerpunten van het beleidskader. Alle ouders die hun kind voor de brugklas aanmelden, hebben nu zo’n gesprek. De Vries: ‘Daarin komen twee belangrijke zaken aan bod: identiteit en de samenwerking tussen school en ouders.’ In juni 2017 startte het Wartburg College met deze gesprekken. De Vries en Veenstra hebben inmiddels de ervaringen van de ouders en de collega’s onderzocht.

Speerpunt

De overheid heeft samenwerking tussen school en ouders tot een speerpunt gemaakt. ‘Begrijpelijk’, zo vindt De Vries. ‘Alle onderzoeken tonen min of meer wel aan dat samenwerking tussen school en ouders de kinderen veel voordelen biedt. Volgens De Vries is dat echter niet de enige reden waarom het Wartburg College en Driestar educatief nu de handen ineen hebben geslagen. ‘Gezien onze identiteit móéten we er aandacht voor hebben. Als je de vroegere publicaties over de zin en waarde van ons reformatorisch onderwijs leest, wordt steeds de primaire verantwoordelijkheid van de ouders benadrukt. Tegelijk kom ik geen concrete handvatten tegen. De vraag bleef dus: hoe krijgt die samenwerking in de praktijk gestalte en hoe kunnen we die praktijk verbeteren? Ons onderzoek probeert die vragen te beantwoorden. Samenwerking rond geestelijke vorming zou een speerpunt moeten zijn, vinden wij.’

Drempels

Het beeld is dat ouders meer betrokken zouden moeten zijn. ‘Ze hebben het inderdaad drukker dan ooit, maar het is de vraag of het beeld helemaal klopt. Als je ouders ernaar vraagt, blijken ze contact en samenwerking wel degelijk belangrijk te vinden en willen zich daarvoor ook inzetten.’
Uit het onderzoek blijkt echter dat ze het moeilijk vinden om zelf contact met de school te zoeken. De Vries: ‘Er blijken bepaalde drempels te zijn. Alleen assertieve ouders zoeken contact. Vaak is er op het voortgezet onderwijs in september wel een contact- en informatieavond voor de ouders van brugklasleerlingen. Echter, zulke avonden worden nogal wisselend vormgegeven. Lang niet iedere mentor komt op zo’n avond tot een echt gesprek met de ouders over hun kind.’

‘Samenwerking rond geestelijke vorming zou een speerpunt moeten zijn'

Albert de Vries

Breuklijn

In het voortgezet onderwijs zijn er natuurlijk ook praktische redenen die de samenwerking bemoeilijken. Het kind heeft met meerdere leerkrachten te maken. De school is vaak groot en bevindt zich meestal ook op afstand van de woonomgeving. ‘Er is dus echt een breuklijn tussen het primair en voortgezet onderwijs’, aldus De Vries. ‘Daarom moet de mentor de spil van ouderbetrokkenheid worden.’
Neemt ouderbetrokkenheid op het voortgezet onderwijs af? ‘Nee’, stelt De Vries. ‘Een onderzoek uit 2014 laat een inhaalslag zien.’ Springt het reformatorisch onderwijs er dan positief uit? ‘Ik heb niet het idee dat de situatie daar beter is. Onderzoek van het Sociaal Cultureel Planbureau maakt duidelijk dat de ouders rond reformatorische scholen juist meer aan de school overlaten. Mogelijk hebben ouders meer vertrouwen in de school. Op zich is dat geen verkeerde gedachte, maar het betekent wel dat de samenwerking belemmerd kan worden.’

Positief beeld

De onderzoeksuitslagen van de welkomstgesprekken laten volgens De Vries over de hele linie een positief beeld zien. De ouders waarderen het en geven aan dat de school duidelijk maakt dat er iets van hen wordt verwacht.’
Verwachten de ouders niet té veel van school? De Vries: ‘We weten uit onderzoek dat ouders kritischer en mondiger zijn geworden. Ze weten veel en kunnen rapporten inzien over de school en hun kind. Ze hebben vanuit de doopbelofte ook hun eigen, eerste verantwoordelijkheid. Daarom mogen ze ook kritische vragen stellen. In de laatste decennia kwamen er echter steeds meer opvoedingstaken bij de school te liggen.’ Stonden reformatorische scholen daar aanvankelijk niet kritisch tegenover? ‘Ja, maar van lieverlee lijken we toch mee te gaan.’

Verantwoordelijkheid

Inmiddels is er een voorzichtige tegenbeweging. Wél samenwerken, maar niet de verantwoordelijkheid overnemen. De Vries: ‘Ouders en school mogen van elkaar iets verwachten. We moeten ouders helpen en ondersteunen om die verantwoordelijkheid ook gestalte te geven.’ Kan hij een concreet voorbeeld geven? ‘Geef tips aan de ouders hoe ze hun kind thuis bij het huiswerk kunnen ondersteunen en begeleiden. Dat is beter dan een leerling langer op school te houden. Ouders moeten de eerste zijn. Stop dus niet veel tijd in het overnemen van opvoedingstaken. Investeer door persoonlijk contact in de samenwerking met ouders.’

Richard Toes, voorzitter college van bestuur van het Wartburg College

‘In het verleden voerden we bij de poort alleen gesprekken met ouders die niet behoorden tot onze directe achterban. We vonden het noodzakelijk om dat uit te breiden tot alle ouders die hun eerste kind aanmelden op onze school. En dan geen toelatingsgesprek, maar een welkomstgesprek. We heten in dat gesprek de ouders en hun kind van harte welkom op onze school en leggen uit wat identiteit en schoolpraktijk voor beiden betekenen. De reacties zijn zeer positief, zowel van ouders en leerlingen als van docenten. Het wordt als een stuk extra betrokkenheid van de school ervaren.’

David en Deborah Verwoert (Krimpen aan den IJssel), ouders van Sarah die in augustus 2017 op locatie Revius startte

‘De overgang van de basisschool naar het voortgezet onderwijs was een grote stap. Niet alleen voor onze dochter Sarah, maar ook voor ons als ouders. In juni 2017 hadden we het welkomstgesprek. Dat ging onder andere over onze motivatie om voor het Revius te kiezen. Ook kwam ter sprake wat wij als ouders van de school verwachten en hoe wij Sarah de komende jaren het beste kunnen steunen. Kortom, het was een helder gesprek. Dat hebben wij als ouders zeer gewaardeerd! Het gaf ons een gerust gevoel om Sarah naar het Revius te laten gaan.’

Terug naar overzicht